Archief columns 2005
Archief columns 2006
Archief columns 2007
Archief columns 2008
Archief columns 2009
Terug


 

December 2006 - Januari 2007

 

Elke dag als ik van Amersfoort naar Soest fiets, zie ik al van verre de toren van de Oude Kerk. Het is nét een wegwijzer: die kant op, zo gaat het goed! Kerktorens werden vroeger inderdaad als wegwijzers gezien, maar dan misschien anders dan jij denkt. Want waarhéén wijst zo’n toren de weg? Nou: een toren wijst omhoog, dus naar de hemel – naar God. Torens zijn bedoeld om je er steeds aan te herinneren dat we op weg zijn naar God.

Maar hoeveel mensen weten of snappen eigenlijk nog dat een toren zo’n wegwijzer is? Veel kerken zitten alleen met Kerst echt vol met mensen. Want zingen van ‘vrede op aarde’ en van een kindje in de kribbe geeft zo’n fijn gevoel. Maar wie wijst hen erop dat we élke dag van het jaar met God op weg kunnen zijn? En dat dit je elke dag het fijne gevoel van vrede kan geven?

Misschien moeten jij en ik dat het komende nieuwe jaar maar eens doen: wegwijzers zijn naar God, als torens die omhoog wijzen.

 

Wij zijn dienaren van de allerhoogste God en wij wijzen de weg die naar redding leidt! (vrij naar Handelingen 16:17)

 


November 2006

Heb je wel eens van het spreekwoord “De een zijn dood is de ander zijn brood” gehoord? Het betekent zoiets als: “het ongeluk van de één is het geluk van de ander.” In de herfst kun je dat letterlijk zien: blaadjes vallen van de bomen en de natuur lijkt dood te gaan. Maar allerlei diertjes eten en verteren al dat afval; zij blijven daardoor juist in leven. En zo zorgen ze er ook voor, dat de grond vruchtbaar blijft, zodat over een half jaar de natuur weer tot leven komt. De dood in de herfst zorgt dus voor het leven in de lente. Dit doet me denken aan wat Jezus voor ons deed. Zijn ongeluk was ons geluk. Want omdat Hij stierf, kregen wij eeuwig leven. Zijn dood is dus ons ‘brood’. Jezus noemt zichzelf dus niet voor niets ‘het Levende Brood’. Hij is voor ons van levensbelang!

Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neergedaald; wanneer iemand dit brood eet zal hij eeuwig leven. En het brood dat Ik zal geven voor het leven van de wereld, is mijn lichaam. (Johannes 6:51)


Oktober 2006

Af en toe wisselen we het speelgoed dat in de huiskamer staat om. Dan gaat alles in dozen naar boven en komt er ander speelgoed weer naar beneden. Onze kinderen spelen dan ineens weer heel anders, alsof alles nieuw is. Ze waren haast al een beetje vergeten dat we ook nog zo’n mooie treinbaan hadden. En met de Lego hadden ze al een hele tijd niet meer gespeeld, maar wat is dat toch mooi speelgoed! We zijn zó rijk, dat we soms niet meer beseffen wat we allemaal hebben. Eigenlijk hebben we gewoon téveel speelgoed en daarom wisselen we het maar af.
Met alles wat God ons geven wil, kan dat ook zo gaan. Ik noem maar eens wat dingen op die we van Hem krijgen: liefde, eeuwig leven, genade, vergeving, eten, drinken, vriendschap, kracht, zijn Heilige Geest – ja, gewoon te veel om op te noemen. Maar God zet niets daarvan in de kast. Hij wil dat we er nu al en voor altijd van genieten. En omdat het veel meer is dan we aan kunnen, mogen we dat samen met alle gelovigen doen. Want alleen samen kunnen we er iets van begrijpen: we kunnen het elkaar vertellen en uitleggen. Zo wordt – hoop ik – onze liefde voor God en elkaar elke dag een stukje groter.

Ik bid dat Christus meer en meer in jou mag wonen, naarmate je Hem meer gaat vertrouwen; dat je geworteld zult zijn in Gods liefde en daarop jouw leven zult bouwen. Dan zult je, samen met alle gelovigen, zien hoe breed, lang, hoog en diep de liefde van Christus is. (naar Efeze 3:17-18)


September 2006

400 jaar geleden is de schilder Rembrandt geboren. Hij is beroemd geworden, omdat hij anders schilderde dan zijn collega’s. Vooral de manier waarop hij licht en donker gebruikt is bijzonder. Je hebt vast wel eens van zijn bekendste schilderij gehoord: de Nachtwacht, je kunt het bekijken in het Rijksmuseum in Amsterdam. Het wordt goed bewaakt en in de gaten gehouden. Ik denk ook niet dat de directeur van het museum dit schilderij kwijt wil, voor geen geld op de wereld. De Nachtwacht is namelijk vreselijk kostbaar: we kunnen Rembrandt niet vragen om ‘m opnieuw te maken als er wat met dit schilderij gebeurt. Er is er maar één van en er komt nooit meer zo’n zelfde. Daarom is het schilderij uniek, onvervangbaar en onbetaalbaar.
Misschien kun je ons mensen ook wel een beetje vergelijken met zo’n mooi, uniek, onvervangbaar en onbetaalbaar schilderij. Van jou is er ook maar één en er komt nooit meer zo’n zelfde. De waarde van een mens is – net als bij de Nachtwacht – ook niet in geld uit te drukken. En daarom heeft Jezus jou niet gekocht met geld, goud of zilver, maar met iets anders dat onbetaalbaar is: zijn eigen bloed!
 
Je weet toch wat een geweldige losprijs God heeft betaald om je los te kopen uit een slavenbestaan zonder Hem? Je bent niet vrijgekocht met iets dat vergaat, zoals zilver of goud, maar met het kostbare bloed van Christus. (naar 1 Petrus 1:18-19)


Juli - Augustus 2006

Kamperen vind ik de leukste manier om vakantie te vieren. Zo’n tent geeft mij echt een gevoel van vrijheid. Je hebt alleen het noodzakelijke bij je; er moet even niets en je leeft onbezorgd. Ik voel me dan gewoon lekker helemaal vrij!
Wist je dat God ook aan kamperen doet? Hij heeft zelfs meer dan 40 jaar in een tent gewoond. En die tent had ook alles te maken met ‘vrij zijn’! Het volk Israël had die tent voor God gemaakt, toen ze weer een vrij volk waren. Weg uit het slavenland Egypte, waar ze elke dag keihard moesten werken. Op reis naar een ander land, naar de vrijheid.
Maar die tent had op nóg een manier alles te maken met vrij zijn: elke dag werden er offers gebracht aan God. Als je gezondigd had, mocht je een offer brengen waarmee je God om vergeving vroeg. En één keer per jaar was het Grote Verzoendag, dan werden alle zonden van het hele volk door God weggedaan. Israël kon zo steeds opnieuw beginnen en zich weer echt vrij voelen.
Al die offers waren een soort wegwijzers naar de Heer Jezus. Hij heeft uiteindelijk voor alle mensen de schuld betaald met het offer van zijn leven. Dat maakt ons vrij, zegt Jezus: “Als u door de Zoon van God wordt bevrijd, zult u werkelijk vrij zijn.” (Johannes 8:36)
Eigenlijk beschrijft de bijbel het leven van Jezus op aarde ook als kamperen. In Johannes 1:14 staat namelijk letterlijk: “Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gekampeerd…” Door Gods kamperen bij de mensen is er dus vrijheid gekomen; eerst voor Israël, maar nu voor iedereen. Straks op de camping denk ik daar nog maar eens aan. Wat heerlijk: we zijn echt vrij!

 


Juni 2006

Kerst hebben we gehad, Pasen is voorbij. Deze maand vieren we Pinksteren. Tja, da’s voor veel mensen nogal een vaag feest. Er is ook niks leuks van te maken, behalve dan dat je twee dagen vrij bent. Bij Kerst heb je nog de kerstboom en de kerstman, bij Pasen hebben we de paashaas en de eitjes. Maar wat moet je met Pinksteren…? Daar kan je blijkbaar niet veel bij verzinnen. Het feest staat erg ver van de mensen af.
En dat is eigenlijk heel raar! Want bij Kerst denken we aan een Kindje in de voerbak, ruim 2000 jaar geleden in Betlehem; bij Pasen herdenken we de opstanding van Jezus in Jeruzalem, zo’n 1975 jaar geleden. Twee feesten die terugkijken op iets wat zó lang geleden en zó ver weg gebeurde. God en Jezus komen daarbij niet zo dicht bij je.
Maar met Pinksteren werd dat anders! Toen kwam de Heilige Geest naar de aarde. Zo dichtbij is God nog nooit gekomen. Zo merkbaar is God nog nooit geweest. Want alle goede gedachten die jij hebt en alle goede dingen die je doet, komen bij de Heilige Geest vandaan. En dat begrijp je alleen maar als je gelooft. Pinksteren is een feest van binnen in je hart, daar heb je gewoon geen poespas bij nodig!

De Heilige Geest brengt ons tot betere dingen: liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, mildheid, trouw, tederheid en zelfbeheersing. (Galaten 5:22 Het Boek)


Mei 2006

“Ik weet niet helemaal zeker dat Jezus leeft, maar ik heb mensen er wel veel over horen vertellen, dus ik geloof het wel.”
Een heel eerlijk antwoord, gegeven door iemand die in de Paasviering werd geïnterviewd door een kind. Ook een móói antwoord: deze persoon gelooft omdat hij/zij andere mensen erover hoort vertellen! En dat is precies zoals God het geloof in ons laat ontstaan: “Dus door te luisteren komt men tot geloof, en wat men hoort is de verkondiging van Christus.” (Romeinen 10:17)
Gaan geloven heeft dus alles te maken met over Jezus horen vertellen. Wil je weten hoe dat precies zit? Lees het maar in Romeinen 10: “Als uw mond belijdt dat Jezus de Heer is en uw hart gelooft dat God Hem uit de dood heeft opgewekt, zult u worden gered. … want er staat ‘Ieder die de naam van de Heer aanroept, zal worden gered.’ Maar hoe kunnen ze Hem aanroepen als ze niet in Hem geloven? En hoe kunnen ze in Hem geloven als ze niet over Hem hebben gehoord? En hoe kunnen ze over Hem horen als Hij niet verkondigd wordt?”
Jezus is Heer en Hij leeft! Vertel dat dus maar aan anderen, zodat zij het ook gaan geloven. Kun jij het misschien nog niet geloven? Zet dan dus gewoon je oren wagenwijd open als er over Jezus verteld wordt!


April 2006

Paasfeest past goed bij de lente: het wordt weer warmer en lichter door de zon; we zien nieuw leven na de koude, doodse winter.
Vroeger was het altijd de gewoonte om grote schoonmaak te houden, wanneer de lente begon. Rond Pasen kon de kachel uit en dan kreeg het hele huis een poetsbeurt, zodat alles weer fris, schoon en opgeruimd was. En de mensen trokken nieuwe en schone kleren aan. Zo was alles en iedereen met Pasen op z’n Paasbest!
Wel een mooie gewoonte, die eigenlijk best goed bij het paasfeest past. Jezus is voor onze zonden gestorven en is weer opgestaan om ons nieuw leven te geven. Hij wil ook in ons leven grote schoonmaak houden en ons een nieuw, witgewassen kleed geven.
Door Zijn dood en opstanding zorgt Hij er dus voor, dat wij op Zijn Paasbest zijn!

Jezus is gestorven om een einde te maken aan de zonde, voor eens en altijd; en nu Hij leeft, leeft Hij voor God.
Zo moet jij ook jezelf zien: dood voor de zonde, maar in Christus Jezus levend voor God. (Romeinen 6:10-11)


Maart 2006

Tijd is een raar verschijnsel. Het ene uur is het andere niet: een uur stilzitten op school duurt lang, maar een uur computeren is zo voorbij! Toch zitten er in beide uren precies 60 minuten… Fijne dingen duren altijd te kort, terwijl vervelende dingen maar niet voorbij lijken te gaan. Iets wat saai is, duurt voor je gevoel een eeuwigheid…
Wat dat betreft zet God de wereld op z’n kop. Of moet ik zeggen: God zet de hemel op zijn kop? Want iedereen is het er wel over eens, dat de hemel een fijne plek zal zijn. Maar weet je, dat het feest daar nooit meer ophoudt? Bij God wonen is eindeloos! Dus niet wat saai is, duurt een eeuwigheid, maar het feest duurt een eeuwigheid.
Een nichtje van mij vroeg eens ongerust: “Moet je daar dan de héle dag zingen?” Daar had ze duidelijk geen zin in. Hoe het in de hemel precies zal zijn, weet ik niet. Maar ik weet wel, dat God ons kent en begrijpt dat vervelende dingen voor ons te lang duren. Dus als God ons in eeuwigheid bij Zich wil hebben, dan zal Hij vast een supergaaf feest voor ons in petto hebben!

Wat niemand heeft gezien, niemand heeft gehoord en wat niemand ooit bedacht, dat heeft God allemaal klaar voor hen, die Hem liefhebben. (1 Korintiërs 2:9)

 


 

Februari 2006

 

Misschien ken je wel de uitdrukking “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.” Een beetje ouderwets... Maar toch erg duidelijk: als jij niet uitgescholden wilt worden, dan moet je een ander ook niet uitschelden. Als jij geen klap wilt krijgen, sla dan ook een ander niet.
Veel mensen denken dat deze wijze raad uit de Bijbel komt. Maar dat is niet zo! In de bijbel staat wel een uitdrukking die er heel veel op lijkt. Toch is er een belangrijk verschil. Jezus leerde namelijk het omgekeerde: “Wat jij wilt dat ze met jou doen, doe dat ook met anderen.”
Kijk, als niemand scheldt of slaat is dat al heel prettig natuurlijk. Als we niet slecht zijn voor elkaar, is dat best fijn. Maar God ziet nóg liever dat we goed zijn voor elkaar, opkomen voor de ander en aardig zijn voor iedereen. Dat is veel positiever, vind je ook niet? Dan wordt het leven echt een heel stuk plezieriger! Doe je mee?

Behandel de mensen zoals u door hen behandeld wilt worden. (Matteüs 7:12 GNB)

 


Eye-opener is de maandelijkse column van Ite op kinderpagina BASiC in de Griffel, het kerkblad van de Christengemeente Soest.